Is 6G schadelijk? Wat we weten over 6G-straling

Bij elke nieuwe generatie mobiele netwerken keert dezelfde vraag terug: is het schadelijk? Bij 6G komt die vraag terug met nieuwe onderdelen. Terahertz-frequenties, AI-aangedreven antennes, een dichter netwerk van zenders. Op deze pagina zetten we feitelijk op een rij wat we weten, wat we niet weten, en welke regels op dit moment van kracht zijn. Met bronnen.

Het korte antwoord

Schadelijke gezondheidseffecten van 6G zijn op basis van het huidige onderzoek niet aangetoond. Ze zijn ook niet volledig uitgesloten, omdat de technologie nog niet lang genoeg bestaat voor langetermijnstudies. Die formulering is geen ontwijking: het is dezelfde nuance die de Gezondheidsraad in 2020 gebruikte voor 5G, en die voor 6G zelfs sterker geldt.

Concreet: 6G-straling is niet-ioniserend en kan dus geen DNA-bindingen breken via dezelfde mechanismen als röntgen- of UV-straling. Terahertz-golven dringen minder dan een millimeter in de huid door. De huidige blootstellingslimieten van ICNIRP dekken het 6G-relevante spectrum tot 300 GHz; daarboven (echt terahertz) gelden voorlopige aanbevelingen die de komende jaren worden uitgewerkt.

Wat is 6G-straling precies?

"6G-straling" is een verzamelterm voor de elektromagnetische velden die een 6G-netwerk uitzendt. 6G is officieel vastgelegd als IMT-2030 door de ITU in november 2023. Het beoogde spectrum loopt van sub-1 GHz tot boven 100 GHz, met expliciete ambitie tot in het terahertzbereik. Concrete frequentieallocaties zijn op dit moment nog niet vastgesteld; de eerste voorstellen komen in 2027 op de World Radiocommunication Conference.

Voor de eerste 6G-netwerken wordt het sub-terahertz bereik (100-300 GHz) als realistisch gezien. Hogere frequenties tot in de echte THz (boven 300 GHz, met name 0,3-1 THz) volgen in latere fases. Tussen microgolven en infrarood licht in het EM-spectrum, zoals de illustratie hieronder laat zien.

Belangrijk om vroeg te scheiden: "6G-straling" is iets fundamenteel anders dan ioniserende straling. Dat onderscheid is geen marketingframing maar fysica, en het verklaart waarom een groot deel van de discussie over 6G-veiligheid zich op andere vragen richt dan bij röntgen- of UV-straling.

Ioniserend versus niet-ioniserend

Straling is "ioniserend" wanneer een individueel foton genoeg energie heeft om een elektron uit een atoom of molecuul los te slaan. De drempel daarvoor ligt rond 10 elektronvolt (eV) aan fotonenergie, een grens die de Amerikaanse FCC en de meeste fysica-literatuur als ijkpunt gebruiken.

Een terahertz-foton draagt ongeveer 0,4 tot 40 milli-elektronvolt. Dat is vier tot zes ordes van grootte onder de ionisatiedrempel. Daarmee kan een 6G-foton onmogelijk een covalente binding breken of direct DNA-schade aanrichten via ionisatie. Dit is geen statistisch argument over kans op schade; het is een natuurkundige onmogelijkheid.

Het gevolg: alle mogelijke gezondheidseffecten van 6G-straling lopen via niet-ioniserende routes. Dat zijn er twee:

  • Thermisch: opwarming van weefsel door geabsorbeerde energie. Dit is het mechanisme dat de huidige blootstellingslimieten al beheersen.
  • Niet-thermisch: mogelijke effecten op cellulaire signalering, ion-kanalen, of vibratie-modulatie van biomoleculen bij vermogensniveaus onder de thermische drempel. Hier zit het meeste onderzoeksveld en de meeste onzekerheid.

Wat zegt de wetenschap nu?

Voor 6G specifiek bestaan nog geen epidemiologische langetermijnstudies; daar is de technologie te jong voor. De relevante kennisbasis komt uit 4G/5G-onderzoek plus terahertz-veiligheidsstudies, en wordt geëxtrapoleerd naar 6G.

De IARC, het kankeronderzoeksinstituut van de WHO, classificeerde radiofrequente velden in 2011 als Group 2B — "possibly carcinogenic to humans". Die classificatie betekent: beperkte aanwijzingen in mensen, onvoldoende bewijs in dieren. Een herevaluatie van deze classificatie is voor 2027-2029 gepland. De uitkomst kan beide kanten op.

Een grote door de WHO opdracht gegeven systematic review uit 2024 (Karipidis et al., gepubliceerd in Environment International) keek naar 63 studies en concludeerde met moderate certainty dat mobiel telefoongebruik bij volwassenen waarschijnlijk geen verhoogd risico geeft op glioom, meningioom, gehoorzenuw-tumor, hypofyse-tumor of speekselkliertumor. Niet iedereen accepteert deze conclusie; de ICBE-EMF (een groep kritische wetenschappers) heeft de methodologie bevraagd.

Voor terahertz specifiek richt het bestaande veiligheidsonderzoek zich grotendeels op medische beeldvorming en industriële toepassingen, waar vermogensniveaus typisch hoger liggen dan in beoogd telecomgebruik. Reviews zoals Cherkasova et al. (2021) in Journal of Biomedical Optics beschrijven de penetratiediepte (0,05-0,3 mm in huid), erkennen lokale temperatuureffecten als mogelijk, en concluderen dat bij lage vermogensdichtheid de effecten "beperkt" zijn. Een belangrijk voorbehoud: huidige standaarden houden volgens deze auteurs niet expliciet rekening met niet-thermische THz-effecten. Dat is een open onderzoeksgebied.

Welke regels gelden er

De internationale normen worden vastgesteld door ICNIRP (International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection). De huidige richtlijn voor radiofrequente velden dateert uit maart 2020 en dekt het bereik van 100 kHz tot 300 GHz. Voor 6G is dat relevant voor het sub-terahertz deel; boven 300 GHz zal ICNIRP de komende jaren aanvullende richtlijnen publiceren.

Wat de richtlijn vooral beheerst, is thermische blootstelling: hoeveel energie er per kilogram lichaamsweefsel mag worden geabsorbeerd, gemiddeld over enkele seconden tot zes minuten. Bij hogere frequenties (boven 30 GHz) is er een aanvullende restrictie voor "absorbed energy density" gemiddeld over één vierkante centimeter, specifiek om bescherming te bieden tegen sterk gerichte beams — een relevant element bij massive MIMO-antennes in 5G en 6G.

In de EU is Council Recommendation 1999/519/EC de juridische basis voor blootstellingslimieten voor de algemene bevolking. Die aanbeveling is gebaseerd op de oudere ICNIRP-richtlijn uit 1998 en is niet formeel geüpdatet naar 2020-niveau. Het SCHEER, een wetenschappelijk EU-adviescomité, concludeerde in een opinie van 2023-2024 dat er geen aanleiding is om de limieten te herzien. Sommige NGO's bevragen die conclusie.

Voor handsets gelden SAR-limieten (Specific Absorption Rate). In de EU mag een handset maximaal 2,0 watt per kilogram afgeven, gemiddeld over 10 gram weefsel. In de VS is het 1,6 W/kg over 1 gram. Alle 6G-handsets zullen aan dezelfde of strengere normen moeten voldoen.

Veelgehoorde zorgen, ontleed

Een aantal claims over 6G en gezondheid circuleert. Hier nemen we de meest gehoorde door, met wat het onderzoek erover zegt.

"6G veroorzaakt kanker"

Niet bevestigd. Voor mobiel telefoongebruik in het algemeen vond de Karipidis-review van 2024 geen verhoogd risico bij volwassenen. De IARC handhaaft voorlopig de 2B-classificatie. Voor 6G-specifieke epidemiologie is het te vroeg.

"Ik ben elektrohypersensitief, 6G gaat dit erger maken"

De WHO erkent elektrohypersensitiviteit niet als medische diagnose. Diezelfde WHO benadrukt dat de symptomen die mensen rapporteren reëel kunnen zijn. Beide zaken kunnen waar zijn. De systematic review van Bosch-Capblanch et al. (2024) over 41 experimentele studies vond geen significant verschil in symptomen tussen echte en placebo-blootstelling. Dat betekent niet dat de klachten ingebeeld zijn; het betekent dat de aanwezigheid van een EM-veld onder gecontroleerde condities geen veroorzakende factor was.

"Kinderen krijgen meer straling binnen dan volwassenen"

Modellen tonen dat een kinderhoofd 2 tot 10 keer meer RF-energie absorbeert dan een volwassen hoofd, vanwege dunnere schedel en kleinere geometrie. Of dit tot meetbare gezondheidseffecten leidt is wetenschappelijk niet vastgesteld. De Gezondheidsraad noemt het voorzorgsprincipe redelijk voor kinderen. Langetermijnstudies zoals MOBI-Kids lopen.

"6G werkt via de huid op zenuwen of brein"

Dit is fysisch onmogelijk. Terahertz-straling dringt minder dan een millimeter in de huid door, bereikt het stratum corneum en een deel van de epidermis, en stopt daar. De afstand tot zenuwbanen of het brein wordt nooit overbrugd door het oorspronkelijke 6G-signaal. Dit is geen wetenschappelijke discussie; dit is basisfysica van EM-straling in water.

Wat doet Nederland?

De Gezondheidsraad publiceerde in september 2020 het advies "5G en gezondheid". Dat advies geldt nog steeds als de Nederlandse beleidslijn voor mobiele netwerken; een 6G-specifiek vervolgadvies is op dit moment niet gepubliceerd. De kernconclusies waren:

  • Een verband tussen 5G-frequenties en ziekte is "niet aangetoond" en ook "niet waarschijnlijk".
  • Verhoogd kankerrisico, verminderde vruchtbaarheid en slechte zwangerschapsuitkomsten zijn "niet aangetoond" maar ook "niet uitgesloten".
  • Aanbeveling: implementeer de ICNIRP-limieten van 2020, monitor blootstelling, en wacht met het in gebruik nemen van de 26 GHz-band totdat er meer onderzoek is.

De feitelijke handhaving van de blootstellingslimieten ligt bij de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI), het voormalige Agentschap Telecom. De RDI voert metingen uit op straat en bij antennes. In het tweede kwartaal van 2025 voldeden alle 77 uitgevoerde metingen aan de ICNIRP-limieten. Typische gemeten veldsterktes in de openbare ruimte lopen van 0,5 tot 3 V/m, ruim onder de wettelijke grens van 28 tot 61 V/m, afhankelijk van de frequentie.

Verwarringsrisico: de ANVS (Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming) gaat over ioniserende straling. RF-straling, dus ook 6G, valt onder de RDI. Wanneer mensen ANVS-berichten doortrekken naar mobiele netwerken klopt dat institutioneel niet.

Voor de bredere Nederlandse 6G-context, inclusief onderzoek en infrastructuur, zie de pagina 6G in Nederland.

Wat we (nog) niet weten

Eerlijk zijn over onzekerheid is essentieel bij dit onderwerp. Een aantal open kennisvragen, met de eerlijke status:

  • Langetermijneffecten van 6G: kunnen per definitie nog niet bekend zijn. De technologie is niet gelanceerd; cohortstudies vragen jaren tot decennia.
  • Niet-thermische effecten van gepulsde signalen: erkend door ICNIRP zelf als kennisleemte ("Gaps in Knowledge", Health Physics februari 2025).
  • Cumulatieve effecten van meerdere bronnen tegelijk: 4G, 5G, 6G, WiFi, Bluetooth en bekabelde apparaten dragen samen bij aan de totale veldsterkte. Modellen tonen dat de som ruim onder de limieten blijft, maar synergie-effecten zijn niet systematisch in epidemiologische studies getoetst.
  • Kinderen op de lange termijn: de MOBI-Kids cohortstudie volgt mobielgebruik vanaf de kindertijd; definitieve uitkomsten zijn nog niet beschikbaar.
  • IARC herevaluatie: de 2B-classificatie wordt in 2027-2029 opnieuw beoordeeld. De uitkomst kan beide kanten op gaan.

Beleidsmatig wordt deze onzekerheid in Nederland en Europa beheerd via het voorzorgsprincipe in combinatie met monitoring. Blootstelling zo laag houden als redelijk haalbaar (ALARA), en de standaarden bijwerken zodra nieuwe wetenschappelijke informatie dat ondersteunt.

Veelgestelde vragen

Is 6G-straling schadelijk?

Op basis van wat we nu weten: schadelijke gezondheidseffecten van 6G zijn niet aangetoond. Tegelijk zijn ze, gezien het ontbreken van langetermijnstudies, ook niet volledig uitgesloten. De Gezondheidsraad gebruikte exact die formulering in zijn 5G-advies uit 2020, en die geldt verstrekt voor 6G.

Veroorzaakt 6G kanker?

De WHO heeft radiofrequente velden in 2011 geclassificeerd als IARC Group 2B, "possibly carcinogenic to humans". Een door de WHO opdracht gegeven systematic review in 2024 (Karipidis et al.) vond moderate certainty evidence dat mobiel telefoongebruik bij volwassenen waarschijnlijk geen verhoogd risico op hersenkanker geeft. Voor 6G specifiek bestaan nog geen langetermijn-epidemiologische studies; die kunnen er pas zijn als de technologie lang genoeg is uitgerold.

Kan 6G-straling DNA beschadigen?

Nee, niet via ionisatie. 6G-straling is niet-ioniserend: fotonen in het terahertz-bereik dragen ongeveer 0,4 tot 40 milli-elektronvolt aan energie, terwijl voor het breken van covalente bindingen meer dan 10 elektronvolt nodig is. Dit is een hard natuurkundig feit, geen statistische argumentatie. Indirecte effecten via opwarming of niet-thermische mechanismen worden wel onderzocht.

Kan terahertz-straling diep in mijn lichaam doordringen?

Nee. Terahertz-golven worden zeer sterk geabsorbeerd door water, en het menselijk lichaam is grotendeels water. De penetratiediepte ligt typisch tussen 0,05 en 0,3 millimeter, afhankelijk van de exacte frequentie. Daarmee bereikt terahertz het stratum corneum en een deel van de epidermis, maar geen diepere weefsels, organen of zenuwen.

Zijn kinderen extra gevoelig voor 6G?

Theoretische modellen tonen dat radiofrequente energie 2 tot 10 keer beter wordt geabsorbeerd in een kinderhoofd vanwege een dunnere schedel en kleinere geometrie. Of dit ook tot meetbare gezondheidseffecten leidt is wetenschappelijk niet vastgesteld. De Gezondheidsraad noemt het voorzorgsprincipe voor kinderen redelijk. Langetermijn-cohortstudies zoals MOBI-Kids lopen nog.

Wat is elektrohypersensitiviteit en heeft het met 6G te maken?

Elektrohypersensitiviteit (EHS) is de zelf-gerapporteerde gevoeligheid voor elektromagnetische velden, met symptomen als hoofdpijn, slaapstoornissen of vermoeidheid. De WHO erkent EHS niet als medische diagnose. Tegelijk benadrukt de WHO dat de symptomen reëel kunnen zijn. Provocatiestudies, recent samengevat in een systematic review van Bosch-Capblanch et al. (2024), tonen geen significant verschil in symptomen tussen daadwerkelijke en placebo-blootstelling.

Hoe sterk is de straling van een 6G-mast vergeleken met wat ik al binnenkrijg?

Concrete vergelijkbare cijfers voor 6G-masten zijn er nog niet, want commerciële 6G-uitrol begint pas rond 2030. Metingen door de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) in 2025 lieten voor 5G en 4G zien dat de gemeten veldsterkte in de openbare ruimte typisch tussen de 0,5 en 3 V/m ligt, ruim onder de ICNIRP-limiet die per frequentie loopt van 28 tot 61 V/m.

Bronnen